Gezinshuisfilosofie:

  • De Jongere / het Kind staat centraal.

  • Onvoorwaardelijke betrokkenheid van de  gezinshuisouders.

Hoe wij dat zien:

  • We zijn aanwezig, dat noemt men presentie: Gezinshuisouders zijn presentiebeoefenaars en staan je bij, ze komen naar je toe, bewegen met je mee, zijn trouw en betrouwbaar.
  • Gezinshuisouders kunnen inleven, meeleven en samenleven.
  • Gezinshuisouders zijn net als eigen ouders zeven dagen in de week, vierentwintig uur per dag aanwezig en dat betekent dat ze betrokken zijn of raken. Geen aflossingen en twintig verschillende gezichten per week.
  • De professionele gezinshuisouder kan binnen die betrokkenheid de weg vinden voor een goede ontwikkeling van en een goede toekomst voor de jongere en het kind.
  • Respect hebben voor en leren van de ander. Leren doen we van elkaar. De gezinshuisouder van de jongere en omgekeerd, maar ook kunnen de jongeren van elkaar leren.
  • We gaan uit van het positieve, het gezonde van de jongere en het kind. dat heet “salutogenese” (letterlijk: het ontstaan van gezondheid): gericht zijn op wat een jongere kan en daartoe de mogelijkheden bieden. Want iedereen heeft talenten, die moet je uitbouwen. Niet teveel bezig zijn met beperkingen.
  • We zullen zoveel mogelijk het eigen netwerk van de jongere en het kind betrekken in opvoeding en toekomstplannen. Tenslotte is en blijft het eigen netwerk er. Jongeren/kinderen zijn geen op zichzelf staande individuen. Zij behoren tot een groter geheel, het Gezin. Het eigen netwerk. Deze dienen, als dat veilig kan, ingesloten, betrokken te worden. Maar wel altijd met het kind / de jongere in het middelpunt.
  • Empowerment van het gewone leven: versterken van het dagelijks samenleven. Dat is een hele mond vol, maar betekent eigenlijk: uitgaan van de kracht van het gewone leven.
  • Matching: een kind/jongere, dat in het Gezinshuis komt, moet bij het geheel passen en omgekeerd. En bij de kennis en kunde van de gezinshuisouder. Bij de mogelijkheden en behoeften van de reeds aanwezige kinderen/jongeren. Een goede matching zorgt voor de beste kansen voor elk kind/jongere in het gezinshuis.

Link: voor Gemeenten.

Link: voor zorgaanbieders.


Andries Baart (geestelijk vader presentietheorie):

2014 Uitleg presentie door Andries Baart: https://youtu.be/_l0ACepi_Lo

2007 Deel1:  https://www.youtube.com/watch?v=zwf5xfwc3og

2007 Deel2:  https://www.youtube.com/watch?v=U723mpcuCMg

2007 Deel3:  https://www.youtube.com/watch?v=Vfcy_3GEu-8

 


Uitgelicht:

Uit het blog van Gerard Besten van 12-03-2015:

Gezinshuisouders zijn ondernemer in de levensloop van kwetsbare, getraumatiseerde kinderen. Zij helpen deze kinderen, onvoorwaardelijk. Maken zich niet afhankelijk van wat anderen willen en doen. In het hier en nu geven zij richting aan de talenten van deze kinderen en spreken hun vermogens aan.

Zij maken de jeugdzorg dienstbaar aan de levensloop van kinderen en niet andersom.

Want een professionele gezinshuisouder herkent de eigenaardigheden van deze kinderen als mogelijkheden en niet als beperkingen. Daarin schoolt hij zich. Met intervisie, coaching en trainingen.

Voor het hele artikel:

http://gerardbesten.com/het-zijn-bijzondere-kinderen-wij-helpen-ze/